Kunst en cultuur
: een delicaat evenwicht
Kunst heeft vanaf
het ontstaan een invloed gehad op cultuur. Maar het omgekeerde is eveneens waar.
Cultuur heeft ook een invloed op de evolutie van de kunst. Beide houden elkaar
in evenwicht. Soms zijn er gebeurtenissen in een bepaalde cultuur die de beleving
van kunst heftig door elkaar schudden.
Een goed voorbeeld
van hoe een bepaalde cultuur de kunst heeft beinvloed zijn rotstekeningen die
op tal van plaatsen gevonden zijn. Deze tonen de activiteiten die in een bepaalde
cultuur werden beleefd. Deze rudimentaire tekeningen geven een goed beeld van
hoe een bepaalde cultuur zich ontwikkelde.
Grote veranderingen
in een cultuur zal men enige tijd later opmerken in de kunst. Vooral de wetgevende
macht van een cultuur zal voor een groot deel bepalen wat wel en wat niet kan
in de kunst. Zo is het in de meeste culturen vastgelegd dat aanstootgevend naakt,
extreem geweld, en aanzetten tot sociaal onaanvaardbaar gedrag niet getolereerd
zal worden.

Kunst en cultuur gaan hand in hand
Aangezien kunstvoorwerpen
bedoeld zijn om getoond te worden aan het publiek, kan men spreken van een soort
censuur. Er bestaat echter een ondergronds circuit van kunst die bedoeld is voor
een select publiek waar de grenzen tussen wat kan en wat niet kan vervagen. Ook
dit is een gegeven dat in elke cultuur aanwezig is.
Tal van grote
tradities in de kunst vinden hun oorsprong in 1 van de toonaangevende culturen
zoals Egypte, Mesopotamië, Perzië, India, het oude Griekenland, Rome, Yemen, Oman,
en nog vele anderen. Ook reeds verdwenen beschavingen hebben een grote rol gespeeld
zoals bij de Inca's, de Maya's, enz.
Ieder van deze
centra van culturele ontwikkeling heeft een unieke stijl ontwikkeld op het gebied
van kunst. Deze grote bolwerken van cultuur hebben dankzij hun omvang hun invloed
laten gelden in de kunst en tal van voorwerpen hebben de woelige geschiedenis
weten te overleven.
Het is dan ook
vanzelfsprekend dat de stijl van de ene cultuur vroeg of laat werd overgenomen
door een andere cultuur. Zo was het in het oude Griekenland de gewoonte om zeer
veel aandacht te besteden aan de menselijke anatomie. Beelden en schilderijen
van mensen werden tot in het kleinste detail correct weergegeven terwijl in dezelfde
periode de Byzantijnse en Gotische kunst meer de nadruk legde op het weergeven
van Bijbelse taferelen.
De kennis die
de grieken hadden van de anatomie werd later overgenomen door vrijwel elke andere
cultuur, zoals in de westerse Renaissance. Van toen af maakte de hoge cultuur
zijn intrede. De definitie van hoge cultuur werd vastgelegd tegen het einde van
de 19de eeuw. Hoge cultuur is het streven van de mens naar perfectie in de kunst.
Hierdoor verkrijgt men dan hoge kunst. Dit is vooral literatuur, muziek, schilderkunst,
en beeldende kunst.
Om van een hoge
cultuur te kunnen spreken heeft men een hoge beschaving nodig. Dit is een ontwikkelde
en rijke gemeenschap die een stevige basis kan bieden aan artiesten en kunstenaars.
Deze basis bestaat uit een goede opleiding, voldoende financiele steun, en een
onuitputtelijke bron van inspiratie. Al deze aspecten zorgen er voor dat de kunstenaar
zijn creatieve potentieel ten volle kan benutten zonder gehinderd te worden door
practische of technische beperkingen.
|